Verslag van de 44e North European Young Diabetologists meeting

Eind mei jongstleden vond de 44e editie van de North European Young Diabetologists (NEYD) meeting plaats in het pittoreske en zonnige Køge, vlak onder Kopenhagen te Denemarken. De NEYD meeting, eerder bekend onder de naam ‘Anglo-Danish-Dutch Diabetes Group meeting’, wordt sinds de oprichting in 1982 jaarlijks gezamenlijk georganiseerd door Nederland, Denemarken en het Verenigd Koninkrijk. Het doel van de meeting is om jonge onderzoekers in het basale, translationele en klinische diabetesonderzoeksveld de kans te geven om in een toegankelijke, vriendelijke en informele sfeer hun onderzoek te presenteren en te bespreken. Daarnaast biedt het hen de kans om hun (inter)nationale netwerk verder uit te breiden en potentiële onderzoekssamenwerkingen te verkennen

Vanuit elk deelnemend land is er een afvaardiging betrokken bij het organiseren van de NEYD meeting. In Nederland wordt deze verantwoordelijkheid gedragen door het bestuur van de jonge Nederlandse Vereniging voor Diabetesonderzoek (jNVDO), bestaande uit Cyril Landstra (promovenda), Cassy Dingena (postdoctoraal onderzoeker) en Willemijn de Vos (promovenda). Het jNVDO-bestuur organiseert jaarlijks, naast de internationale NEYD meeting, ook de nationale jNVDO jonge onderzoekersmeeting en meerdere jNVDO-sessies als onderdeel van de Annual Dutch Diabetes Meeting (voorheen Annual Dutch Diabetes Research Meeting). 

Tijdens de drie dagen durende NEYD meeting waren dit jaar dertig jonge onderzoekers, zeven organisatoren en drie experts aanwezig. Per deelnemend land werden de tien beste kandidaten geselecteerd voor het geven van een presentatie, op basis van het door hen ingediende abstract. De organisatoren waren, als meer ervaren onderzoekers, aanwezig om de deelnemers te begeleiden en verder te helpen door middel van feedback. Daarnaast verzorgden zij een organisatorenpresentatie om een inkijkje te geven in de samenhang en diversiteit van een uitgebreid onderzoekstraject. Tot slot gaven de uitgenodigde experts elk een inspirerende state-of-the-art lezing over hun onderzoeksfocus.

De Nederlandse delegatie stond op de eerste dag, nog vóór het ochtendgloren, vol enthousiasme klaar op Schiphol om gezamenlijk naar Kopenhagen te vliegen. Na een enthousiaste ontvangst en heerlijke lunch werd het wetenschappelijk programma afgetrapt met de eerste sessie waarin werd gesproken over de kern van type 1 diabetes (T1D): het begrijpen van de α- en β-cel, en het beschermen en vervangen van β-celfunctie. [Wd1] Vervolgens richtte de tweede sessie zich op de rol van voeding in de pathofysiologie, behandeling en het verloop van zowel T1D als type 2 diabetes (T2D). De middag werd enthousiast afgesloten met een gepassioneerde lezing van de eerste expert Prof. Dr. Bart Roep (Leids Universitair Medisch Centrum, Leiden, Nederland), die ons aanspoorde kritisch te denken om zo aangeleerde (mis)concepties te identificeren en ter discussie te stellen. Alleen zó ontstaan de Nobelprijswinnaars van de toekomst, verzekerde hij ons. Hij liet onder andere zien dat er inmiddels wetenschappelijk bewijs is dat T1D primair een β-celziekte is in plaats van een immuunziekte, dat T1D niet alleen ontstaat op kinderleeftijd met uiteenlopende uitingen op verschillende leeftijden, en dat virusinfecties geen causaal verband lijken te hebben met T1D-diagnose maar bacteriële infecties wel. Daarnaast plaatste hij vraagtekens bij het gebruik van immuunsuppressie om de progressie van T1D te remmen, terwijl het stimuleren van immuuntolerantie juist mogelijkheden zou bieden. Zijn slotboodschap aan de jonge onderzoekers: wees kritisch, doorbreek hiërarchische barrières en draag zo actief bij aan de vooruitgang van het diabetesonderzoek. Dit werd door de jonge onderzoekers direct ter harte genomen en leidde tot een enthousiaste en diepgaande discussie, die tot laat in de avond werd voortgezet.

De tweede dag werd traditiegetrouw gestart met een vroege ochtendwandeling die via het strand naar het centrum van Køge leidde, om de lange zit van de dag ervoor te compenseren en de geest te legen voor een nieuwe dag vol diabetesonderzoek. Hierna ging de derde sessie van start, met als focus diabetesbehandeling van T1D en T2D middels de nu veelbesproken incretines, en hun bijwerkingen. De daaropvolgende vierde sessie richtte zich op de rol van microbioom bij het ontstaan van metabole ziekten, het samenspel tussen metabole status en spierfunctie, en de relatie tussen GLP-2-receptoren en galblaasklachten. Vervolgens gaf de Deen Christian Collin (piloot, bestuurslid van het Steno Diabetescentrum in Kopenhagen en zelf T1D-patiënt) een inspirerende interactieve lezing over de onderschatte waarde van patiëntenparticipatie bij het opzetten en uitvoeren van onderzoek. Het belang hiervan was volgens hem veelzijdig: het draagt bij aan probleemidentificatie, de relevantie van onderzoeksdoelen, de motivatie van zowel onderzoekers als deelnemers, en de haalbaarheid en acceptatie onder patiënten en de bredere samenleving. Hij moedigde de jonge onderzoekers aan om dit onderwerp in hun centra bespreekbaar te maken en (in de toekomst) te implementeren. In de middag werd tijdens de vijfde sessie stilgestaan bij verscheidene precisiegeneeskundige onderwerpen: het gebruik van diabetestechnologie  bij het syndroom van Wolfram en tijdens de zwangerschap bij T1D, postbariatrische zwangerschapscomplicaties en de optimalisatie van diagnosemogelijkheden bij MODY. Aansluitend volgde de tweede expertlezing van Ass. Prof. Lala Leelarathna (Imperial College London, Londen, Verenigd Koninkrijk) over de onmiskenbare rol van technologie in het transformeren van de diabeteszorg. Zijn onderzoek heeft aangetoond dat het gebruik van CGM bij patiënten met T2D, net als bij T1D, leidt tot een klinisch significante verbetering in glucoseregulatie en kwaliteit van leven, met kosteneffectiviteit op de lange termijn als gevolg. Tegelijkertijd spoorde hij de aanwezigen aan kritisch te blijven ten aanzien van betrouwbaarheid en toepasbaarheid van data in onder andere behandelbeslissingen. Meetverschillen tussen sensoren onderling en de invloed van technische en biologische factoren op CGM data maken dat men er in de diabeteszorg nog niet blind op kan varen. Ondanks de brede toepassing en bewezen diagnostische waarde, luidde het advies dan ook: technologie blijft feilbaar, dus blijf nadenken over interpretatie en toepasbaarheid.

Een gewaardeerd en traditioneel onderdeel van de NEYD meeting is het sociale evenement, waarbij nationale en professionele grenzen vervagen en samenwerking centraal komt te staan. Dit jaar werden de deelnemers verdeeld in groepen en kregen zij de opdracht om onder hoge tijdsdruk – en met de nodige natuurkundige kennis – een vijftien meter lange waterbaan te bouwen, beginnend op maar liefst drie meter hoogte, die per groep ook nog aan verschillende eisen moest voldoen. Uitgeput maar voldaan konden we aan het einde van de middag concluderen dat het resultaat waterdicht was. Om dit te vieren werd die avond op een terras in het centrum van Køge het glas geheven op de geslaagde samenwerking. 

De derde en laatste dag begon met de zesde sessie, waarin een breed scala aan onderwerpen aan bod kwam: endotheeldysfunctie bij cardiovasculaire ziekten, eetstoornisgeïnduceerde cardiale autonome neuropathie, de invloed van etniciteit op uitkomsten van diabetesnoodgevallen, en het effect van hepatische steatose op metabole processen in de lever. Vervolgens nam de derde expert Ass. Prof. Morten Bjerregaard-Andersen (Syddansk Universitetshospital, Esbjerg, Denemarken) ons mee op een wereldreis tijdens zijn lezing over het verbeteren van diabeteszorg in ontwikkelingslanden. We werden geconfronteerd met het grote verschil in kwaliteit van diabeteszorg wanneer armoede en oorlog onderdeel van de optelsom worden. Wat ons in het bijzonder raakte was het verschil in levensverwachting van patiënten met T1D: in ontwikkelingslanden ligt deze maar liefst tien keer lager dan in Europese landen. Hij illustreerde de ernst hiervan verder door te laten zien dat er drie keer zo veel mensen overlijden aan diabetes dan aan HIV of tuberculose. Het snel ontwikkelen van ernstige complicaties, zo beschreef hij, werd niet alleen veroorzaakt door een gebrek aan financiële middelen, maar ook door een gebrek aan kennis, bereikbaarheid en coördinatie. Deze lezing maakte voor jonge onderzoekers op een geheel nieuwe manier inzichtelijk dat goede diabeteszorg van levensbelang is.

Hierna vond een recent toegevoegd onderdeel van de NEYD meeting plaats, de organisatorenpresentatie, waarbij dit jaar drie  organisatoren de deelnemers in vogelvlucht meenamen door hun indrukwekkende en uitgebreide onderzoeksprojecten. De toegevoegde waarde van deze presentaties lag niet alleen in de kennisoverdracht van de verschillende onderwerpen, maar ook in het zien hoe een meer ervaren onderzoeker omgaat met het opzetten, uitvoeren, beschrijven en presenteren van meerdere onderzoeksprojecten binnen een onderzoekstraject. 

De NEYD meeting werd afgesloten met de prijsuitreiking voor de beste presentatie, beoordeeld door alle organisatoren van de drie landen. Het niveau was dit jaar uitzonderlijk hoog, wat het uitdagend maakte om een winnaar aan te wijzen. Ondanks de kleine onderlinge verschillen ging de prijs welverdiend, en uiteraard geheel onbevooroordeeld, naar een Deense jonge onderzoeker. Dit concludeerde de NEYD meeting van dit jaar. Om het verblijf vlakbij Kopenhagen optimaal te benutten, sloot de Nederlandse delegatie onder leiding van het jNVDO-bestuur en Bart Roep de dag af met een stadswandeling door het historische stadscentrum van Kopenhagen. In de avond vlogen we allen moe maar voldaan terug naar Amsterdam.

We willen de Deense organisatoren hartelijk bedanken voor hun warme ontvangst en de uitstekende organisatie, en de Engelse organisatoren voor hun onmisbare bijdrage aan het tot stand brengen van deze succesvolle editie. Daarnaast zijn we ook de experts zeer dankbaar voor hun leerzame, ondersteunende en inspirerende bijdrage die de meeting zonder twijfel naar een hoger niveau heeft getild. Uit de evaluatie van de deelnemers kwam naar voren dat ze de uitstekende sfeer, de interessante variatie in onderwerpen en de natuurlijke balans tussen wetenschap en netwerken zeer hebben gewaardeerd. Net als voorgaande jaren hebben velen aangegeven volgend jaar weer te willen deelnemen. Tot slot willen wij de deelnemers van harte bedanken voor hun hoogkwalitatieve bijdragen en enthousiasme. Zonder hen zou deze meeting niet mogelijk zijn geweest. Met veel plezier en voldoening kijken we terug op een succesvolle NEYD meeting en zien we verwachtingsvol uit naar de volgende editie die eind voorjaar 2027 in het Verenigd Koninkrijk zal plaatsvinden. 

Auteurs: Cyril Landstra¹*, Willemijn de Vos¹*

1 Interne Geneeskunde, Cure One T1D Research Center, Leids Universitair Medisch Centrum, Leiden
* Gedeeld eerste auteurschap, auteurs zijn op alfabetische volgorde genoteerd